VEGE Motoren Spijkenisse – Van werkplaats tot wereldspeler
Misschien minder bekend dan Spijkstaal of De Rijke, maar minstens zo internationaal en stevig geworteld in Spijkenisse: VEGE Motoren. Het bedrijf kent een rijke geschiedenis die teruggaat tot 1936 en is uitgegroeid tot een toonbeeld van Spijkenisser ondernemerschap.
De beginjaren (1936–1950)
VEGE werd in 1936 opgericht als een joint venture tussen Dhr. Versteeg en Dhr. Van Genderen – vandaar de naam VEGE. In de eerste jaren was er slechts een kleine werkplaats zonder duidelijke merknaam of logo. Pas in 1953 kreeg VEGE zijn eerste officiële logo, ontworpen door directeur Wim Versteeg, die het baseerde op zijn favoriete sigaar.
Na de Tweede Wereldoorlog brak de eerste grote groeifase aan. Het tekort aan reserveonderdelen bood kansen: VEGE leverde onderdelen voor trucks van Dodge en GMC, later gevolgd door merken als Jeep, Ford, en de Engelse Morris en Austin. Ook introduceerde het bedrijf de innovatieve formule van ruilmotoren, waarmee klanten hun defecte motor konden omwisselen voor een gereviseerde versie – een slimme manier om downtime te beperken.
Groei en expansie (1950–1980)
In 1952 stond de fabriek aan de Groene Kruisstraat en een jaar later volgde een vestiging in Huissen, waar ook Volkswagen aan het productiepakket werd toegevoegd. In 1967 verhuisde VEGE naar het pand aan de Ing. Herman de Grootweg 1 in Spijkenisse, destijds een state-of-the-art locatie.
Eind 1969 trad een nieuwe generatie medewerkers toe, waaronder een aankomend productieleider voor de Opel‑lijn. Hij groeide door tot chef van de motorenassemblage en de proefhal, richtte kwaliteitsdiensten op in meerdere filialen (Leeuwarden, Almelo en Huissen) en werd later voorzitter van de ondernemingsraad. Ook bouwde hij de internationale klantenservice uit en breidde het verkoopnetwerk in Europa sterk uit. In die jaren verkocht VEGE omstreeks 1980 al ruim 50.000 ruilmotoren per jaar, naast cilinderkoppen en short‑blocks.
Het bedrijf groeide explosief: de productie en verkoop waren meer dan tienvoudig toegenomen en VEGE werd een internationale speler. De oprichter, door medewerkers liefkozend “Senior” genoemd, had vijf zonen die aanvankelijk sleutelposities vervulden. Later stapten sommigen uit, waarna onder meer Fred Versteeg en Ton Versteeg het bedrijf verder leidden. Ton vertrok naar Mexico, terwijl Fred samen met een managementteam (waaronder Jaak Tom, Guido Previati, Cees van Muiswinkel, Willem Koornneef en de oud‑medewerkers zelf) het bedrijf verder uitbouwde.
Wereldwijd netwerk (1980–2000)
VEGE breidde in deze periode fors uit met productiebedrijven in Tunesië en Mexico, en verkoopvestigingen in vrijwel heel Europa: Benelux, Duitsland, Italië, Frankrijk, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Polen.
Het bedrijf draaide in de jaren ’90 een omzet van meer dan 100 miljoen gulden, telde circa 1300 medewerkers en werkte voor grote namen als Volkswagen, Porsche, Opel, GM en Mercedes. Er werden bijna duizend verschillende motortypen geproduceerd. Medewerkers hadden het gevoel deel uit te maken van een onderneming die eeuwig zou bestaan.
Toch waren er ook schaduwkanten. Het ruilsysteem – waarbij klanten statiegeld betaalden en dit terugkregen bij inlevering van een oude motor – was complex en gevoelig voor fouten. Interne medewerkers beheersten dit proces uitstekend, maar dure externe automatiseerders en adviseurs bouwden systemen die vaak niet werkten en veel geld kostten. Dat leidde tot frustratie en financiële druk.
Het Motoren Occasion Center (MOC) werd opgericht om duizenden gebruikte motoren aan te kopen, maar in de laatste jaren droogde de financiering op. Voor veel medewerkers werd de werkkring na 2000 steeds onplezieriger. Uiteindelijk kon het management de koers niet keren.
Moeilijke tijden en faillissement (2003–2004)
In augustus 2003 kwam het bericht dat VEGE failliet was. Voor velen een enorme klap, zeker gezien de lange geschiedenis en de internationale successen. In 2004 volgde officieel het faillissement, al kon dankzij een gezonde holding een doorstart worden gemaakt.
In 2005 fuseerde VEGE met Continental Engines Ltd. (CEL), waardoor het bedrijf weer op koers kwam. Toch volgde in 2009 een nieuwe tegenslag: het onderdeel VEGE Industrial ging failliet en 80 werknemers verloren hun baan.
Engelstalige promotievideo van VEGE-Benelux BV.